Beeldvorming in de jeugdzorg is kwetsend!

Geplaatst op: 15 september 2013 door De Reporter in Algemeen, Dossiers

De woensdagmiddag is bijna ten einde. De wijzers op de klok leken deze dag wel dubbel zo snel te draaien. Het midden van de week is altijd ff een omslagpunt in de drukte van de week. Een gesprek met een collega moest nog worden afgerond en dan was de werkdag ten einde. “Tring… Tring…” klonk ineens de telefoon luid in de zaal waar het luttele seconden daarvoor doodstil was. Ik pakte de telefoon op. Met een vriendelijke stem maakte ik mij bekend. “Papa… met mij…” klonk het zachtjes. De verwarring werd groot toen het bleek dat het niet mijn oudste zoon was. De stem klonk bijna identiek. “Papa, hoor je mij wel? Hoe gaat het met je?” hoor ik wat harder uitspreken. De tranen sprongen in mijn ogen! Mijn hart sloeg loeihard in mijn keel. Als een donderslag bij heldere hemel!

Drie jaar had ik al geen contact meer gehad met mijn zoontje. En ineens hoorde ik zo uit het niets zijn stem liefdevol vragen hoe het met mij ging. Mijn hart brak! De tranen liepen als een ware plotselinge regenbui over mijn wangen. De collega tegenover mij zag mijn houding vol van zelfvertrouwen met een klik veranderen in gebroken man met een betraand gezicht. Mijn adem stokte en zo goed en kwaad als het ging probeerde ik mijn zoontje te woord te staan. De nervositeit van mijn zoontje was ook duidelijk te merken. Het waren slechts enkele minuten, want hij belde stiekem met de telefoon van zijn moeder.

Ik was trots op hem en vertelde dat hem ook. We namen afscheid met beide de woorden uit te spreken: “We zien elkaar snel! Ik hou van jou!” Mijn geluk kon die dag niet meer op. “Het is hem gelukt om mij te bellen” was het enige wat door mijn gedachte ging. Op dat moment kon ik nog niet vermoeden dat het nog maanden zou duren voordat ik hem weer in mijn armen kon sluiten. Het contact was van mij uit niet te leggen. Telkens als ik belde werd de haak erop gegooid. Slechts een keer werd ik vloekend en tierend te woord gestaan. Maar mijn zoon kreeg ik niet te spreken. Ik had te maken met een wraakzuchtige moeder die iedere kans nam om te verstoren.

Het is najaar 2010 als op vrijdagmiddag om 16:30 uur de telefoon gaat. Ik zat thuis de laatste email weg te werken omdat er een heerlijk weekend voor de deur stond. Het weekend maar eens geen werk doen, was mijn plan. “U spreekt met mevrouw X van De Raad voor de Kinderbescherming. Bent u de vader van Romeo?” vroeg een norse vrouwenstem. “Ja!” antwoordde ik, direct gevolgd met “Hoe is het met hem?”.

“Ik maak graag een afspraak met u om dit te bespreken.” Na meerdere malen vragen kreeg ik te horen dat het niet goed met hem ging. Ik was helemaal van slag. Een doemscenario ging door mijn hoofd. Lag hij in het ziekenhuis? Was hij ernstig gewond? Of misschien wel erger? Had zijn spontane actie geleid tot een heftige reactie in zijn leefomgeving? Vragen die met hoge snelheid door mijn hoofd gingen. “Nee, het gaat niet goed met hem, maar niet wat u nu denkt gelukkig. Het is echter wel zorgelijk waardoor wij nu een onderzoek doen” vertelde mevrouw X.

“Ik zou u graag persoonlijk willen spreken i.v.m. het onderzoek en wil u als vader ook horen. Is dat mogelijk voor u?”
Vele woorden en zinnen gingen heen en weer, want mijn aanbod om gelijk in de auto te stappen werd als ‘niet mogelijk’ bestempeld. “Ergens volgende week op woensdag of donderdag heb ik wel gelegenheid!” ging ze verder. Deze mevrouw X wist echt niet dat je dit soort telefoontjes nooit op deze wijze mag doen. “Woensdag? Donderdag? “Ik kom er nu aan!” gaf ik haar aan. Helaas, welke poging ik ook ondernam, er was geen mogelijkheid aanwezig om haar dezelfde middag nog te spreken te krijgen. Het aandringen wierp daarintegen wel zijn vruchten af, want na een klein halfuurtje werd ik teruggebeld. Of het mogelijke was om maandochtend om 09:00 uur af te spreken in Amsterdam.

Maandagochtend om 08:45 uur liep ik het kantoor van de Raad aan het IJbaanpad binnen. Strak in het pak, want zo werk ik nou eenmaal. De receptioniste belde mevrouw X.”Hoe heeft u uw ex-vrouw leren kennen?” vroeg ze mij direct toen ze aan kwam lopen. “Hoe is het met Romeo?” vroeg ik haar. “Ik kom hier niet om over mijn ex-vrouw te praten. Mijn zoon heb ik al drie jaar niet gezien. Klaarblijkelijk begrijpt u niet dat ik het hele weekend van slag ben geweest?“.
Het was een gesprek met een begin welke ik nooit meer zal vergeten. Deze mevrouw X was gevuld met vooroordelen over ‘hoe vaders zijn als zij hun eigen kroost niet zien‘. Dan hebben ze vast niets op met hun kinderen, was haar mening. Pas na een half uur praten, begreep zij heel duidelijk dat het hier om een hele andere situatie ging. Het was van mij zeker geen vrijwillige stap geweest.

Tot aan alle (interne) commissies van Jeugdzorg en Raad voor de Kinderbescherming eaan toe was er gestreden voor de omgang met mijn zoontje. Echter zonder resultaat, want de ene instantie dekte de grove fouten en verkeerde handelingen van de andere. Het was met recht ‘de slager die zijn eigen vlees keurt!. De laatste hoorzitting over de onrechtmatige opheffing van de onder toezichtstelling gaf mij vanwege de vraagstellingen de indruk dat deze mensen achter de tafel verstand van zaken hadden. Het liet een een gevoel van hoop achter. Deze werd echter compleet teniet gedaan toen het verslag van de hoorzitting en de uitslag binnenkwam. Ik kon mij niet anders dan neerleggen bij het genomen besluit. Jeugdzorg liet mijn zoontje als een baksteen vallen!

De moeder blokkeerde alle omgang en bleef de omgang structureel frustreren. Mijn geld voor advocaten was inmiddels op. De betalingsregelingen voor de hoge advocaatkosten waren niet meer op te brengen. Je staat als vader, ondanks een beschikking van de rechtbank, met lege handen. Je wordt dan gedwongen om je leven op te pakken zonder omgang met je kind. Een diepe wond wordt in je hart geslagen. Je staat machteloos. De onmacht zorgt er tevens voor dat je emotioneel zo word gehard waardoor je met afgesloten hartje door het leven gaat. Gelukkig waren mijn andere kinderen van een andere moeder. Iemand die het duidelijk anders deed. Zij sterkte mij allemaal, maar een lege plek in mijn hart deed pijn. En bleef verdriet geven, dagelijks huilde mijn hart.

Zo’n situatie los je zelf niet zomaar op. De gezinsvoogd had moeten ingrijpen. Volgens Bureau Jeugdzorg waren alle punten opgelost met uitzondering van herstel van de omgang. Hiervoor moest ik zelf maar naar de rechtbank. De ondertoezichtstelling werd definitief opgeheven. Helaas, een papa met een regeling op papier, maar in de praktijk met lege handen. Maar erger nog, weer een kind die zijn vader niet ziet!

Vanaf die dag is er inmiddels erg veel veranderd. Romeo is n.a.v. het onderzoek na twee jaar weer onder toezicht gesteld en enkele maanden na het onderzoek uit huis gehaald bij zijn moeder. Een proces wat eenvoudiger had gekund en gemoeten. Romeo is bewust, willens en wetens door het laakbare optreden van een gezinsvoogd en haar directe leidinggevende, beschadigd! Hij heeft trauma’s opgelopen die nog vele jaren nodig zullen hebben om naar de achtergrond te verdwijnen. Vergeten zal hij ze nooit, want wat hij op zijn leeftijd onnodig heeft moeten ervaren is schokkend te noemen. Hij is “van ver gekomen” noem ik het wel eens. Nu gaat het goed met hem. Erg goed zelfs! Inmiddels woont hij volledig bij zijn vader. Een liefdevolle omgeving waarin hij de kans krijgt zich te ontplooien. Waar zijn grote zus en broer, kleine broertje, familie en vrienden een groot netwerk voor hem vormen. Nooit meer zal hij alleen komen te staan.

De overgang van jeugdzorg Noord-Holland naar jeugdzorg in Amsterdam heeft de situatie 180 graden doen keren. Thuis gaat het goed met hem. De laatste twee jaar op de lagere school heeft hij “met vrucht doorlopen”. Nu volgt hij zelfs VMBO-T/Havo, waardoor hij na tien jaar ellende nu zicht heeft op een mooie toekomst. Zijn moeder wil hij niet meer zien. Jeugdzorg heeft alles geprobeerd om de omgang te waarborgen, maar moeder werkte aan niets mee. Erger zelfs ze bleef hem beschadigen in de enkele uren dat ze hem wel mocht zien. Nu is besloten dat zij hem niet meer mag zien. Zijn veiligheid is daar niet te garanderen. Eindelijk worden er geen risico’s meer genomen. Hij is veilig…

Dit blog is een onderdeel van een boek waarin de ervaringen worden beschreven van een vader die machteloos heeft moeten toezien hoe Bureau Jeugdzorg Noord Holland en haar medewerkers zijn zoon bewust heeft blootstelt aan traumatiserende gedragingen van een moeder. Hoe gezinsvoogden het belang van vooral moeders boven het belang van kinderen blijft stellen. Zlefs vandaag de dag nog werken dezelfde incompetente medewerkers bij deze organisatie. Een organisatie die nog beter vandaag dan morgen opgeheven kan worden omdat dit orgaan van de Nederlands jeugdzorg in de provincie ziek is. Ongeneselijk ziek! Vele Noord-Hollandse kinderen zijn dagelijks de dupe van niet functionerende leidinggevenden die incompetente gezinsvoogden hun gang laten gaan. Hoe dit ooit kan veranderen in Noord-Holland?

Gewoon Bureau Jeugdzorg Noord Holland per direct opheffen en overdragen aan mensen die een verlengstuk zijn van Bureau Jeugdzorg en Agglomeratie Amsterdam of anders overdragen aan een particulier landelijk werkende organisatie welke het klappen van de zweep erg goed kennen!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s