De Macht en Onmacht (deel 1)

Den Haag – In het Verdrag inzake de Rechten van het Kind van Unicef, aangenomen door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 20 november 1989, staat expliciet beschreven het recht voor kinderen op het gebied van Gezondheid, Onderwijs, Gelijkheid en Bescherming (hier na te noemen Verdrag). Op de website www.onmacht.nl kunt u het Verdrag ‘Kinderen Eerst’ downloaden. In de Europese Grondwet, oktober 2004, staan de Rechten van het Kind uitgebreid beschreven in Deel II van de Handvest van Grondrechten van de Unie (hierna te noemen Wet). U kunt de letterlijke wettekst nalezen op www.europa-nu.nl.

Voorwoord
In dit blog verwoord ik mijn persoonlijke mening, gebaseerd op jarenlange ervaring met jeugdzorg en mijn betrokkenheid bij de jeugdsport, over wat er mis is en gaat in de jeugdzorg. Hoe het toch mogelijk is dat er familiedrama’s in Nederland zijn, waar in de meeste gevallen jeugdzorginstellingen in meer of mindere mate bij betrokken zijn of zijn geweest. Onder de titel ‘De macht en onmacht in de jeugdzorg’ beschrijf ik een aantal situaties die voor mij onbegrijpelijk zijn. Het is op generlei wijze een aanval op individuele personen. Doel van mijn blog is om misstanden en pijnpunten in de jeugdzorg bespreekbaar te maken, zodat op de verschillende niveaus het onderwerp steviger op de agenda komt te staan. Indien iemand zich persoonlijk aangesproken voelt dan vind ik het heel spijtig en biedt mijn oprechte excuses aan, echter plaats ik dan ook gelijk de kanttekening of wij als maatschappij niet hand in eigen boezem moeten steken over hetgeen u verder in mijn blog kunt lezen.

Neutraliteit
De situaties die ik beschrijf heeft betrekking op de vele situaties welke ik helaas onder ogen heb gehad. Het gaat dus expliciet niet om één enkele casus. Een tweede belangrijke opmerking is dat het blog niet geschreven is vanuit het oogpunt van ‘een enkele vader’ of ‘een enkele moeder’. Daar waar ‘vader’ of ‘moeder staat, kunnen deze ook worden gewisseld. Helaas moeten we constateren dat kinderen in de meeste gevallen de dupe zijn van een situatie die door vele facetten wordt beïnvloed, echter met het resultaat dat contact tussen een kind en één van zijn ouders is verbroken. En tenslotte, u hoeft het geheel niet eens te zijn met mijn mening, standpunten of verwoording. In het kader van ‘De vrijheid van meningsuiting’ ben ik van mening dat we elkaars mening ook moeten kunnen respecteren en beseffen dat we het niet altijd met elkaar eens hoeven te zijn.

Onder Toezicht Stelling (OTS)
Wanneer ouders problemen ondervinden in de opvoeding van hun kind(eren) dan biedt de overheid vanuit haar wettelijke plicht de ondersteuning aan ouders. Daar waar ondersteuning niet toereikend is, of medewerking van één of beide ouders niet voorziet om de ondersteuning werkzaam te krijgen, of indirect/direct het kind of de kinderen bedreigd worden in de ontwikkeling, kan worden besloten om bij de Rechtelijke Macht een verzoek in te dienen voor ‘Onder Toezicht Stelling’ (OTS). Het blog gaat over situaties waarin ‘OTS’ wettelijk van kracht is middels een officiele Beschikking en waar Bureau Jeugdzorg is aangewezen als “jeugdbeschermer”, voormalig ook wel genoemd “gezinsvoogd”. Het betreft veelal gevallen waar de vrijblijvendheid voor acceptatie van ondersteuning moet worden weggenomen en er noodzakelijkerwijs een verplicht karakter van toepassing moet zijn op de ondersteuning vanuit de overheid.

In het ‘Verdrag’ staat de volgende tekst beschreven:

      Artikel 5
      De Staten die partij zijn, eerbiedigen de verantwoordelijkheden, rechten en plichten van de ouders of, indien van toepassing, van de leden van de familie in ruimere zin of de gemeenschap al naar gelang het plaatselijk gebruik, van wettige voogden of anderen die wettelijk verantwoordelijk zijn voor het kind, voor het voorzien in passende leiding en begeleiding bij de uitoefening door het kind van de in dit Verdrag erkende rechten, op een wijze die verenigbaar is met de zich ontwikkelende vermogens van het kind.

In de ‘Wet’ staat de volgende tekst beschreven over jeugdbescherming:

      Artikel 3
      Het doel van de jeugdbescherming is te waarborgen dat de minderjarige opgroeit in een opvoedings- en leefsituatie waarin hij zich op een gezonde en evenwichtige wijze kan ontwikkelen. Het gaat daarbij om alle aspecten van de ontwikkeling van een kind tot volwassene: de fysieke, psychische, emotionele en morele. De ouders zijn als eersten verantwoordelijk om de voorwaarden te scheppen voor een optimale ontwikkeling van hun kinderen. Naast deze vrijheid van ouders om hun kinderen te verzorgen en op te voeden naar eigen inzicht staat de plicht van de overheid om kinderen te beschermen tegen aantasting van hun lichamelijke en geestelijke integriteit, waaronder kindermishandeling. Zo bepaalt artikel 19 van het Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK) dat de overheid alle passende wettelijke en bestuurlijke maatregelen en maatregelen op sociaal en opvoedkundig gebied neemt om het kind te beschermen tegen alle vormen van lichamelijk of geestelijk geweld, letsel of misbruik, lichamelijke of geestelijke verwaarlozing of nalatige behandeling, mishandeling of exploitatie, met inbegrip van seksueel misbruik, terwijl het kind onder de hoede is van de ouder(s), wettige voogd(en) of iemand anders die de zorg voor het kind heeft. Het is belangrijk om tussen de vrijheid van ouders en de verantwoordelijkheid van de overheid de juiste balans te vinden.

Er was eens…
Het is zeker géén sprookje wat er tegenwoordig met kinderen gebeurd in de jeugdzorg. Op Internet zijn vele trieste verhalen te lezen over kinderen, die afgesloten zijn van het contact met één of zelfs beide ouders. In sommige gevallen misschien wel terecht, maar in heel veel gevallen is het contact tussen het kind en de ouders(s) op onterechte gronden, bestaande uit foutieve rapportages en daaropgebaseerde conclusies en aannames, verbroken. De rechter vond het, op aanwijzing van Bureau Jeugdzorg, nodig om een tijdelijke contactverbod in te stellen, zodat de omgang van het kind met de ouder géén weerslag kon hebben op het stabiliseren van de thuissituatie van het kind. We nemen voor dit blog als eerste een gemiddelde situatie van scheiding. Ouders hebben besloten niet meer het leven te willen delen en gaan scheiden. Gelukkig zijn er vele gezond nadenkende ouders in onze samenleving die de ouderlijke verantwoordelijkheid met een gezagsdeling en co-ouderschap invulling geven. Samen zorgen zij voor de kinderen en proberen, ondanks de praktische uitdagingen, de omgeving voor rondom het kind zo in te richten dat het kind ten volle kan genieten van beide ouders en de wederzijdse ondersteuning bij de ontwikkeling en opvoeding. Helaas… helaas zijn er heel veel gevallen waar dit niet mogelijk blijkt te zijn!

Waar twee kijven…
In die situaties waar ‘samenwerking’ in het voordeel van de kinderen niet mogelijk blijkt, blaakt het van negatieve emotie. Er heerst dan een sterk ongenoegen over ‘door de ander genomen beslissingen en/of gedragingen’. Men voelt dan emoties die het gezond verstand klaarblijkelijk doet vervagen. Die emotie is er vaak de oorzaak van dat communicatie moeizaam wordt. En duidelijk is dat de kinderen hier de dupe van zijn. De schade die ouders in zo’n openlijke strijd toebrengen aan hun kroost laat diepe sporen na. Waar eens de liefde sterk bloeide, blijkt dan haat te groeien. Triest! Want het mooiste geschenk van onze natuur, een kind, wordt dan ineens vergeten door sommige ouders. Het ‘eigen belang, het eigen verdriet’ staat dan ineens centraal. Hier begint de kern van de ellende voor de vele kinderen in een situatie van scheiding waarbij ‘onbegrip’ leidt tot extreme nagenoeg onoplosbare situaties.

De eerste contacten met de jeugdzorg…
De overheid informeert op dit moment, zomer 2011, op radio, op televisie, in kranten en via internet de ‘burger’ over de schade die het kinderen toebrengt als je in een scheiding elkaar afschuwelijke verwensingen doet. Kinderen worden aan de meest vreselijke uitspraken bloot gesteld. De voorlichtingscampagne van de overheid moet enerzijds leiden tot bewustzijn van ouders over ‘hoe om te gaan met kinderen tijdens een scheiding’ en anderzijds ‘burgers’ bewust te maken over de gang naar het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK) bij het constateren van ‘kinderen in de knel’. De vraag die je hierbij moet stellen is: “Is de overheid bewust welke druk er al ligt in de jeugdzorg en hoe zij de extra instroom gaan verwerken?”

Hierdoor moet een positieve ontwikkeling en bewustwording gaan ontstaan in onze samenleving en daar waar het een negatieve situatie is voor een kind actie kan worden ondernomen. Een goede stap vanuit de overheid, echter brengt het ook andere gevolgen met zich mee. In de jeugdzorg reizen de wachtlijsten de pan uit, is er een tekort aan kwalitatieve krachten en het ergste nog, kunnen kinderen op dit moment helemaal niet direct worden geholpen. Persoonlijk onderschrijf ik ten volle de campagne van de overheid, maar stel wel grote vraagtekens bij de vervolgstappen. De besparingen op jeugdzorg laten het gewoonweg niet toe dat er een nog grotere instroom komt. Moeten we als maatschappij dan toelaten dat kinderen verder worden beschadigd? “Nee!” is het enige antwoord wat hierop mogelijk is. Daar waar kinderen in een situatie zitten die hen kan beschadigen moet er worden opgetreden. Dan moeten de mensen uit familie, buren, school, sport of anders in de omgeving van het kind dit gaan melden bij het AMK. Alleen zo kan er worden opgetreden om het kind te gaan beschermen. Maar we zijn er als overheid, burgers en maatschappij dan nog lang niet…

Een schrikbarend voorbeeld…
De details van dit voorbeeld zijn geanonimiseerd. We lopen het proces mee, zoals op dit moment door de overheid wordt gepubliceerd. Hiermee kunnen we dan vaststellen dat de situatie voor een kind, met alleen een openbare publicatie, niet kan worden opgelost. Het is zomer 2010. Bij het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling komen meerdere meldingen binnen over het welzijn van een kind. De meldingen komen vanuit verschillende hoeken. Buren, familie en zelfs de politie doet melding van misstanden. De Raad van de Kinderbescherming (RvdK) besluit op basis van de meldingen onderzoek in te stellen. Tussen de eerste melding en een rapport zitten enkele maanden. In het eindrapport wordt gelijk duidelijk dat er geen adequaat onderzoek is gedaan en dat er ook niet gekeken is naar een eventuele historie in het leven van het kind. Het kind bleek al eerder onder toezicht te hebben gestaan en was er ook nog sprake van een soort van minimale begeleiding vanuit het GGZ in het gezin. Het kind was dus geen onbekende in de jeugdzorg. Een melding bij het AMK had gelijk bellen moeten laten rinkelen bij de RvdK, maar helaas…

Een pijnlijke situatie…
Het rapport leidt er echter wel toe dat de RvdK besluit om de rechter te verzoeken het kind onder toezicht te laten stellen. Inmiddels is de vader, welke lange tijd vanwege het ontbreken van medewerking van / frustreren door de moeder van een wettelijk in Beschikking vastgelegde omgangsregeling tussen het kind en de vader, ook benaderd omdat deze ouder, naast biologische ouder ook juridische ouder is. Echter zijn er drie stappen in de wetgeving beschreven en noodzakelijk om over een volledige ouder met gezag over het kind te kunnen spreken. Situaties met adoptie en ontstaan uit andere mogelijkheden etc. laat ik even in deze situatie buiten beschouwing om extra complexiteit te voorkomen. De drie stappen voor om als ouder met gezag, komende uit een relatie waarbinnen het kind is verwekt, erkent te worden zijn:

1. (Biologisch) De ouder moet één van de verwekkers zijn (er zijn tenslotte altijd een man en een vrouw benodigd)
2. (Juridisch) De ouder moet of getrouwd zijn met de ander of de vader moet het kind (vooraf) erkennen
3. (Gezag) De moeder moet toestemming geven dat zij het gezag gezamenlijk wenst te dragen met de vader

(Géén) Recht van spreken…
In het voorbeeld van deze casus zijn de stappen één en twee uitgevoerd, maar heeft de moeder nimmer medewerking willen verlenen aan stap drie, waardoor de vader, slechts recht van spreken heeft daar waar de moeder toestemming geeft. Dus eigenlijk heeft de vader geen rechten doch alleen plichten, m.u.v. het recht van omgang en recht op informatie. Al is voor een goede omgang ook de volledige medewerking nodig. In de jaren dat dit betreffende kind onder OTS stond is Bureau Jeugdzorg (BJZ) verantwoordelijk geweest voor het samen met de ouders realiseren van doelstellingen t.b.v. het welzijn van het kind. Toen BJZ echter de realisatie niet voor elkaar kreeg hebben zij, ten spijt voor het kind, opgegeven en de rechter verzocht om de OTS op te heffen. Ondanks dat alle signalen in de omgeving van het kind niet duidde op verbetering en zonder dat de omgang tussen het kind en de vader tot herstel was gekomen.

De vader is na een complete route van de klachtenprocedure door BJZ geadviseerd om maar verder géén (juridische) actie te ondernemen, want het was enerzijds geen haalbare kaart en anderzijds heel erg belastend voor het kind. Het moment van onmacht was aangebroken voor de vader, want zonder de (objectieve) steun van het machtsblok van BJZ binnen de jeugdzorg kun je dan geen kant meer op. Een juridische weg is er wel, maar is kostbaar en veelal gedoemd om te mislukken, want als BJZ de rechter adviseert dat het voor het kind beter is als er even ‘rust’ is, dan sta je als vader met lege handen, lege bankrekening en tenslotte ook nog met een leegte in je hart. En ergo, het belangrijkste is dat het kind een ouder moet missen. Het resultaat in deze case was dat de OTS werd opgeheven en de omgang was verbroken. De vader had uit liefde voor het kind het advies ter harte genomen en hoopte op deze wijze dat de rust voor het kind er zou komen… Helaas, het was slechts van korte duur…

Wederom onder OTS…
In het onderzoek van de RvdK in najaar 2010 werd de vader ineens, zonder enige aankondiging verteld dat het niet goed ging met zijn kind, geconfronteerd met een telefoontje van onderzoekster van de RvdK. Op een vrijdagmiddag kort voor het weekend werd de vader gebeld met de mededeling: “Goedemiddag met mw. A. van de RvdK. U bent de vader van kind B? Het gaat niet goed met uw kind en wij willen uw kind onder toezicht laten stellen. Hiervoor willen wij graag ook een gesprek met u en uw toestemming. Kunt u eind volgende week langskomen om hierover te praten?”. Toen ik vernam hoe dit proces was verlopen was ik vol ongeloof. De wijze hoe een vader zonder een actieve omgang met het kind ineens wordt geconfronteerd met ‘dat het niet goed gaat met zijn kind‘ op een moment kort voor een weekend en dan ook nog eens geen inhoudelijke informatie krijgt, maar moet wachten tot een volgende week, spreekt niet van enige empathisch vermogen. Gelukkig is de vader iemand met een vastberadenheid en een gezonde ontwikkeling, waardoor deze een afspraak weet te krijgen voor de maandag volgend op het weekend. Hoe deze vader het weekend heeft doorgemaakt hoef ik u niet te vertellen. Wie weet wil deze vader zijn ervaringen ooit delen om er van te kunnen leren. De pijn zal ondragelijk zijn geweest om wel te weten dat het serieus niet goed gaat met je kind, maar je verder niets kunt doen als “juridische” vader.

Het onderzoek wordt na alle gesprekken afgerond en de voorbereidingen voor het verzoek aan de rechter voor ondertoezichtstelling worden gestart. Een eindrapport moet de onderbouwing geven voor de rechter om een besluit te kunnen nemen. De zaak wordt echter door zowel het AMK, als RvdK, als BJZ als een op zichzelf staand geheel gezien. De gehele historie van de problematiek rondom het kind, welke jaren heeft bestaan en dus nog bestond, wordt niet meegenomen in de rapportage. Het mag natuurlijk niet duidelijk worden dat zowel BJZ als RvdK de fout zijn ingegaan door de rechter te verzoeken de OTS op te heffen. Door het ontbreken van de koppeling tussen de huidige situatie en het verleden ontstaat er ‘slechts’ een beeld alsof het een startende situatie is. De beide ouders worden samen met BJZ en RvdK verzocht aanwezig te zijn bij de zitting. Door miscommunicatie ontstaat echter een vreemde situatie waardoor de vader op de ene dag wordt gehoord waarbij alleen BJZ er bij aanwezig is en de moeder op de andere dag waarbij zowel BJZ als RvdK aanwezig is. Het resultaat is gelukkig voor het kind wel dat de rechter besluit dat het kind onder toezicht wordt gesteld. Een door de vader ingeschakelde advocaat heeft inmiddels om (her)activering van de omgangsregeling verzocht, zodat de vader er ook kan zijn om het kind te steunen in de moeilijke situatie waar deze in verkeerd. Van de rechter krijgt BJZ het mandaat om de omgang in te regelen en te waarborgen. Helaas, met alleen de OTS is de oplossing nog niet nabij…

Plannen en rapporten…
Direct na het uitspreken van de OTS is het aan de jeugdbeschermer om gezamenlijk met de ouders en de eventueel betrokken (jeugd)zorginstellingen te komen tot een Plan van Aanpak. Hier constateren we een volgende probleem. BJZ, als verantwoordelijke voor het Plan van Aanpak, verzuimd om adequaat onderzoek te doen naar de feiten die worden geventileerd door de moeder. Deze moeder heeft géén baat bij het feit dat er zicht komt op de problemen in de gezinssituatie van het kind en zorgt voor verwarring in de informatie, waarbij ook nog eens een vraagteken gesteld kan worden bij het waarheidsgehalte van de informatie. Tweede cruciale punt in de rapportage is dat het kind wordt bestempeld met allerlei niet door deskundige vastgestelde labels. In plaats van b.v. ‘het kind gedraagt zich druk’ staat er ‘het kind heeft ADHD’ en meer van dergelijke verwoordingen inclusief de opmerking dat er géén ‘Second Opinion” is uitgevoerd. En nader onderzoek naar het rapport toont dat de gekozen verwoording door BJZ verre van professioneel en objectief mag worden genoemd.

Kwalijk, want dergelijke rapportage is juist bedoeld om objectief de situatie vast te leggen om zo het kind gezamenlijk met andere instellingen te kunnen beschermen, terwijl het nu meer een excuusbrief is waardoor wordt verklaard waarom de moeder met problemen zit met het kind. Kortom, de focus waarmee het rapport is opgesteld gaat niet uit naar het kind en de leefomgeving, maar is een verwoording van hetgeen de moeder heeft verwoord. Het is géén objectief geschreven Plan van Aanpak waarmee (jeugd)zorginstellingen aan de slag kunnen om het welzijn van het kind verbetert te krijgen. Volgens mijn overtuiging zijn hier zoveel mensen bij betrokken in zo’n proces dat het ongelofelijk is dat de kwaliteit zo erbarmelijk slecht is en het waarheidsgehalte ver te zoeken. Rapportage en vastlegging van feiten verdient in zo’n precair proces veel meer aandacht. Je kunt als auteur van zo’n rapport niet zo maar van allerlei ‘aantijgingen’ ten aanzien het kind of zelfs over de vader uitgesproken door de moeder opnemen als je niet vooraf een feitenonderzoek, eventueel met inschakeling van verschillende deskundigen, hebt verricht. Een opmerking in het rapport ‘Second opinion: Géén’ is hoogst opmerkelijk te noemen, omdat hiermee het waarheidsgehalte sterk ter discussie kan worden gesteld. Hier wordt het kind dus niet mee geholpen! Doel van OTS is ‘bescherming van het kind’ in de breedste zin van het woord. Helaas, zo gaat het niet lukken…

En dan ineens zijn de rapen gaar…
Na de uitspraak dat de OTS van kracht is geworden volgen er vele gesprekken met de moeder. Er worden afspraken voor ondersteuning gemaakt, er vindt op meerdere gebieden begeleiding plaats voor het kind en de moeder en zo af en toe wordt de vader mondjesmaat op de hoogte gesteld van het welzijn van het kind. Met BJZ was inmiddels een afspraak en schema gemaakt om de omgang tussen het kind en de vader op gang te krijgen. De eerste contactmomenten verliepen méér dan bijzonder, waarbij zelfs BJZ verbaast was dat het kind zo spontaan, liefde- en respectvol reageerde op de vader. In de rapporten stond tenslotte dat er al jarenlang geen contact was tussen het kind en de vader. En bijzonder was dat de moeder had aangegeven dat het kind eigenlijk geen contact meer wilde met de vader. Allerlei beschuldigen in de rapportage bleken te berusten op onwaarheden. Erger zelfs, het kind was door de moeder verteld dat de vader niets meer met het kind te maken wilde hebben. Gelijk bij het eerste contact, onder toeziend oog van BJZ, bleek dat de band tussen het kind en de vader zelfs heel sterk was. Dit gaf een heel ander beeld op de situatie voor BJZ.

Volgens BJZ was er rondom het kind en de moeder géén sociaal netwerk (lees: mogelijkheid om het kind tijdelijk onder te brengen) waardoor zij ook niet gelijk belangrijke stappen kon nemen om het welzijn van het kind te beschermen. Er was al gelijk duidelijk dat de moeder niet in de mogelijkheid was om goed voor het kind te kunnen zorgen. De problematiek in het gezin bij de moeder is van een dermate omvang dat het kind daar niet langer kon genieten van een veilige, verzorgende, betrouwbare en stabiele omgeving. Er moest worden opgetreden. De moeder bleek zich ook niet te houden aan gemaakte afspraken waardoor het moment aanbrak dat er daadwerkelijk een beslissing genomen moest worden door BJZ. In het voorjaar van 2011 viel het besluit om het kind per direct ‘veilig’ te stellen. De leefomgeving was dermate onveilig geworden dat het niet langer verantwoordelijk werd geacht om daar het kind in te laten verblijven. Nu was de vraag:”Waar kan het kind naar toe?” En toen kwamen de volgende problemen in jeugdzorg naar voren. Er was géén neutrale plek beschikbaar om het kind op te vangen, ondanks dat de situatie precair was voor het kind. BJZ vond, mede gelet op de achterliggende redenen van de uithuisplaatsing (lees: onveiligheid) en door het ontbreken van medewerking van de moeder, dat (tijdelijke) plaatsing bij de vader niet mogelijk was. Terwijl de thuissituatie van de vader juist was onderzocht door BJZ en als stabiel, veilig en vertrouwd werd bestempeld. Ook het sociale netwerk rondom de vader, bestaande uit familie en vrienden waren ruim toereikend om een goede basis te geven voor het kind. De tijd ging voorbij en het kind werd blijvend aan de serieus onveilige situatie blootgesteld.

Voor buitenstaanders een meer dan ongelofelijk verhaal, want als je eenmaal feitelijk vaststelt dat een kind niet langer in een situatie kan/mag verblijven, dan moet je in grijpen. Zeker ook als alle mandaten aanwezig zijn en je als BJZ de opdracht daadwerkelijk van de rechter hebt ontvangen om het kind te beschermen met alle noodzakelijke maatregelen en/of middelen. En geloof mij dat ik na bestudering van de feitelijke constateringen direct overtuigd was van het belang van veiligstelling.

Op een koude middag in het voorjaar is het dan eindelijk zover. Het kind wordt na intensief overleg bij BJZ op een vooraf goed doorgesproken moment van school gehaald en de moeder wordt kort daarna door twee vertegenwoordigers van BJZ geïnformeerd over het feit dat het kind, vanwege het niet nakomen van afspraken en vooral de onveilige situatie in de thuissituatie van het kind, met spoed uit huis wordt geplaatst. Aangezien de onveiligheid zich op vele manieren tentoon spreidt, wordt het verblijfadres van het kind geheim gehouden. Er wordt op een of andere manier gevreesd dat er een bedreigende situatie kan ontstaan voor de betrokken mensen waardoor ook besloten wordt dat er gelijk een wijziging komt in het team van BJZ. Het kind is veilig dat is het belangrijkste op dat moment.

Wat mij verbaast is dat de vader wel vooraf op de hoogte is gesteld van de ‘uithuisplaatsing’ maar duidelijke contactafspraken tussen BJZ en de vader, niet door BJZ worden nagekomen. De vader blijft in eerste instantie in het ongewisse over het welzijn van zijn kind. De zenuwen die dat met zich mee brengt zijn eigenlijk verre van menselijk omdat deze vader er niet mag zijn voor het kind. De vader neemt wederom voor de zoveelste keer contact op met BJZ om te informeren naar het welzijn van het kind. Excuus wordt aangeboden onder de opmerking:”Sorry, wij wisten niet dat u ook gebeld moest worden!”. Als ik al klompen had gehad, dan waren ze bij het lezen van het relaas van dit dossier nu wel gebroken. Er wordt daadwerkelijk totaal geen rekening gehouden met de gevoelens van de vader en zijn liefde voor het kind. Gelukkig was het kind veiliggesteld en werd deze omringt met mensen die liefdevol de zorg tijdelijk kregen voor het kind. Helaas, ook nu nog geen uitzicht op een oplossing…

Ontbrekende feiten zorgen voor verkeerde focus…
Het gaat, nu enkele weken na de uithuisplaatsing, een stuk beter met het kind. Het verblijven op een neutrale verblijfplaats zorgt voor rust en regelmaat bij het kind. Het is uiteraard een tijdelijke oplossing. Deze tijd is nodig om onderzoek te verrichten naar hoe de situatie opgelost kan worden, zodat er weer een stabiele omgeving kan ontstaan voor het kind. Hier stuiten we in het dossier op wederom een probleem. De plaats waar het kind verblijft is een crisisplek. Deze heeft tot doel om op cruciale momenten ruimte te bieden aan kinderen in nood. Hier werken mensen die zorgen voor de kinderen, maar niet zijn uitgerust om verregaande (medische of psychologische) begeleiding te geven. Het is een “veilige rustplek”. BJZ heeft dan ook tot taak om zo spoedig mogelijk achter de oorzaak te komen van de (gezins)problematiek en daarop een plan te bedenken die moet leiden tot een langdurige oplossing. We maken even een zijstap in het complexe dossier…

Vaststelling van de oorzaak…
De taak van BJZ is een uitermate belangrijke. Op objectieve wijze moeten zij achter de feiten zien te komen die hebben geleid tot mogelijke kwetsuur van het welzijn van het kind. Wanneer je dan informatie tot je krijgt dan moet je die uiteraard controleren op waarheidsgehalte. Dit is niet altijd eenvoudig. Echter wanneer je de informatie in het dossier volgt dan komt het telkens uit op één bron, en ja, die van de moeder. Op iedere plaats waar het maar mogelijk is wordt het verhaal verteld dat het kind een probleem is en dat het kind met psychische problemen kampt. De focus komt hierdoor continu op het kind te liggen, maar dan wel met een totaal verkeerd inzicht. De problematiek bij het kind wordt namelijk niet door aanwezigheid van medische indicaties (labels) veroorzaakt, maar door blootstelling aan een onveilige instabiele thuissituatie veroorzaakt en door een reeds lange tijd aanwezige problematiek bij de moeder. Hierdoor kan deze niet de basis geven aan het kind die het zo broodnodig heeft om op te kunnen groeien tot een volwaardige stabiele volwassenen. Kortom het kind wordt blootgesteld aan onveilige situaties en ontvangt geen zorg, geen opvoeding en zeker geen begeleiding zoals een kind hoort te krijgen tijdens de jonge jaren.

In tegendeel, het kind is/wordt continu blootgesteld aan situaties waar kinderen niet aan blootgesteld horen te worden. Zonder details begrijpt de gemiddelde ouder heel goed wat hiermee wordt bedoeld. Mensen kunnen verschillen over de wijze van opvoeding, maar over één ding zijn we het als ouders met elkaar wel eens. Kinderen moeten in een veilige verzorgde omgeving kunnen opgroeien, leren, spelen en leven. Alle bedreigingen die dit belangrijke standpunt ondermijnen moeten door ouders worden weggenomen en zeker niet worden veroorzaakt. En wanneer ouders dit zelf niet kunnen dan moet de overheid hierin optreden. Waar het optreden uit moet bestaan verschilt in iedere situatie. Er zijn er twee welke ik wil aangeven en welke geregeld worden verward door mensen die betrokken zijn bij de jeugdzorg.

De zorg voor jeugd…
De eerste situatie is dat het probleem zich huist bij het kind zelf. De ouders (kan ook één oudergezin zijn met eventueel een goed co-ouderschap) voorzien in een relatief goede huiselijke omgeving of zelfs een dubbele omgeving (zowel bij vader als moeder) waarbinnen het kind zich volledig kan ontplooien, ontwikkelen, leven, studeren en sporten etc. Het kind kampt met een probleem waardoor er gedragingen zijn die als ‘lastig’ zijn te bestempelen. Hier is dan specifiek hulp nodig voor het kind. In mijn ogen is één kant van de jeugdzorg juist bedoelt om dit te voorzien. Het ondersteunen gebeurt dan veelal ook op verzoek van de ouders en kan zich strekken van begeleiding bij indicatie, vaststelling hulpvraag en aandragen mogelijke oplossingen. Organisaties als het Triversum in Alkmaar heeft zich als psychiatrisch ziekenhuis hierin gespecialiseerd. Er worden zeer goede resultaten geboekt in het begin stadium, waardoor vroegtijdig tot de juiste begeleiding wordt gekomen voor kinderen. Dit helpt ouders en kinderen om het juiste spoor te vinden met b.v. school of in sommige gevallen met een goede psycholoog voor verdere begeleiding.

De bescherming van jeugd…
De tweede situatie is van een hele andere orde. Hier is de situatie van een veel complexere aard. Een combinatie van factoren bij zowel ouder(s) als kind(eren) kunnen ervoor zorgen dat de ondersteuning in een meer verplichte vorm noodzakelijk is. We spreken hier dan over jeugdbescherming in plaats van jeugdzorg. Hier is daadwerkelijk tussenkomst van de overheid in de vorm van betrokkenheid vanuit (jeugd)instellingen en rechtelijke macht noodzakelijk om het kind te beschermen. In de zaak die ik in dit blog aansnijd gaat het daadwerkelijk om zo’n complexe situatie. De moeder geeft het kind niet de veilige omgeving en vertoont gedragingen die het kind direct en indirect schade in de breedste zin van het woord toebrengt. Van verwaarlozing tot verschillende gradaties van (psychische) mishandeling komen voor in de leefomgeving van het kind. Door welke (psychische) aandoeningen of oorzaken deze worden veroorzaakt is niet direct belangrijk, maar wel dat de complexe situatie voor het kind hierdoor worden veroorzaakt. Het is een vaststelling die geen van de betrokken (jeugd)zorginstellingen kan ontkennen. Dit wordt echter deels wel gedaan, want de uitspraken van deze moeder over gedragingen van het kind worden stevig als focus genomen. Het kind wordt bestempeld met allerlei labels, moet psychiatrische of psychologische onderzoeken ondergaan om maar tot vaststelling te kunnen komen waardoor er een beeld gaat ontstaan over de problematische leefsituatie van het kind. Persoonlijk heb ik er echt moeite mee dat eerst het kind / de kinderen aan zware (emotionele moeilijke) onderzoeken onderwerpen, terwijl in dit geval BJZ al in grote lijnen weet waardoor de problematiek rondom het kind door wordt veroorzaakt. Zij kunnen v.w.b. dit dossier direct en veel gerichter onderzoeken en vaststellen hoe voor dit kind het probleem opgelost kan worden. Helaas… ook hier leidt een verkeerde focus niet direct tot goede oplossingen voor het kind…

Tenslotte voor dit blog…
De situatie voor het kind is op dit moment redelijk stabiel. Zeker niet de juiste oplossing voor de toekomst, want BJZ heeft verzuimd om een bevestiging te sturen voor een plaatsing in een andere instelling waar (gedrags)onderzoek meer deel uit maakt van de dagelijkse gang van zaken. Het kind wordt nu onnodig zonder de juiste begeleiding, opgevangen op een crisisplek. Ondanks dat het kind nu goed wordt verzorgd door de begeleiding op de crisisplek, want dat moge duidelijk zijn. Het is normaal dat aan zo’n plaatsing een maximale duur van 6 weken is gebonden. Dan moet er voor het kind een volgende stap worden gemaakt in de begeleiding en ondersteuning. Dit kind is, mede door achterblijven van adequate actie, dus kind van de rekening. De vader staat buitenspel. Door het ontbreken van (gezamenlijk) gezag gedraagt BJZ zich terughoudend in het verstrekken van volledige informatie, wordt regelmatig oneigenlijk verwezen naar privacy van betrokkenen en wordt betrokkenheid van de vader op cruciale bijeenkomsten gereduceerd tot het minimum. De vader kan, wil en zou mogen ondersteunen, maar door een ‘gat’ in de wetgeving en door het op een andere wijze interpreteren van de bestaande wetgeving staat de vader aan de zijlijn bij een van de belangrijkste uitdagingen in het leven van zijn kind, die van het opgroeien tot een volwaardige liefdevolle volwassen…

Nawoord…
Het blog omschrijft het proces en de cruciale factoren van een zaak waar emotie, verdriet, boosheid en onbegrip leidt tot ongeloof en onmacht. Een zaak waar de macht bij een instelling is belegd welke de middelen of niet inzet, of incapabel is om de wetgeving op de juiste wijze te interpreteren. Het is een situatie zoals in veel gezinnen die momenteel bij jeugdzorg op het bureau ligt. Met alle liefde en begrip in de wereld, kan ik niet begrijpen dat de overheid aan de ene zijde nu flink publiceert over ‘meld probleemgevallen’ en aan de andere kant de wachtlijsten overlopen, tekorten aan kwalitatief personeel stijgen en beschikbare financiële middelen afwezig zijn, verkeerd worden aangewend of worden ontnomen. Hoe komt het dat de overheid met BJZ, GGZ, RvdK, AMK en de vele andere instellingen niet gaat zorgen dat deze organisaties beter samenwerken, informatie centraal en beter wordt beheerd waardoor dossiers zeker eerder inzicht geven en daardoor beter tot oplossingen kan komen voor deze kinderen. Het lijkt er in mijn mening nu toe dat kinderen onnodig lang ‘in het dossier’ worden gehouden om maar werk te blijven houden (lees: baangarantie) te hebben. “Het is flink mis in de jeugdzorg” is mijn mening. En verneem graag wie hier anders over denkt? Voor alle opbouwende kritiek of verweer tegen mijn standpunten sta ik open… Echter wel met aantoonbare feiten, want ongefundeerde uitspraken of loze beloften van ‘Het komt nu op orde…” zijn al die kinderen in probleemsituaties niet mee geholpen…

Bronvermeldingen:

Advertenties
reacties
  1. E van Bommel schreef:

    Het hele Gezwel Jeugdzorg moet grondig aangepakt worden , ik als niet gezag hebbende ouder heb een jaar moeten aankloppen bij jeugdzorg dat mijn zoontje mishandeld werd . Ik werd keer op keer weggestuurd dat ik niets te zeggen had omdat ik geen gezag had. Ik heb een jaar lang , echt een jaar lang dagelijks gebeld , of ging langs kantoor Jeugdzorg Enschede. Na tussenkomst van het AKJ moetsen ze mij wel te woord staan en kon ik naar een jaar vertellen wat er allemaal gebeurde , na een jaar. Ze moesten zich verontschuldeging maken door mevr . I . Volkert en haar leiding gevende . Het balletje is toen gaan rollen , onderzoek van de raad , met als gevolg een OTS . Omdat mijn verleden zelf niet onbelast is maar ik al 2 jaren op de goede weg ben en helemaal geen problemen meer gehad , vondt ik dat ik mijn zoontje ook niet kon opeisen omdat de nasleep van mijn verleden [ geen misbruik , of mishandeling hoor ] me nu nog steeds achtervolgt en aangezien hij ADHD heeft wil ik hem niet belasten met deurwaarders of politie die voor boete’s komen. Maar ik heb van de Reclassering , Tactus, zeer goede en positieve rapporten gekregen dat ik inderdaad heel goed bezig ben , en ik zal dat ook blijven doen.Tijdens mijn laatste detentie heeft mijn ex met haar oudste dochter zoveel leugens over mij verteld aan I. Volkert van BJZ , ik ben me rot geschrokken , en wat het erge was ik kon geen weerwoordgeven . Ik heb zoveel verdriet gehad dat is niet te beschrijven , ik ben ein mijn rumoerige tijd ook nooit uit zijn leven geweest . Ik kocht hem bijna altijd de kleren , ik weet nog dat ik hem een nieuwe X box kocht voor Sinterklaas , 2 dagen later gooide moeder de X box van de eerste verdieping naar beneden op een plavuizen vloer , en dat kon allemaal !!!!!!!!!!! Hij is geslagen met de stofzuigerstang , opgesloten in de kast en god weet al niet meer . De raad en BJZ hebben mijn zoontje toen voor 11 weken bij mijn zus en zwager geplaatst , en hij was gelukkig , hij straalde weer zoals een kind hoort te stralen en vondt zijn rust terug, en dat was overal te merken op de School speciaal onderwijs DR. Ariensschool in Enschede zagen ook vooruitgang in zijn gedrag , hij werd rustiger , minder snel boos kortom het ging beter met hem . Gelukkig. Maar hij was daar om een terug keer naar moeder voor te bereiden in samenwerking met een IOG ”er , dit werkte ook niet .en helaas is het toen tot een handgemeen gekomen tussen mijn ex en mijn zoontje van 12 , ik heb ze daar allang van te voren voor gewaarschuwd maar er werd wederom niet geluisterd, en daar zit je dan als vader met al je verdriet en onmacht.Heb me voorgenomen gezag of niet ik ga me kapot vechten voor het welzijn van mijn zoontje !!!!Hij word vandaag voor een langere periode bij mijn zus en zwager geplaatst , dit is door de gezinsvoogd geregeld zo wil hij doen voorkomen , maar ik ben er blij mee, mijn ex zou hem liever in eeen internaat, of inrichting, of vreemd pleeggezin willen drukken , dat is gelukkig niet gebeurt en blijft hij in het netwerk . De eerste verstandige beslissing van jeugdzorg.!!!!! Maar nu , tijden de plaatsing bij mijn zus zou hij eerst even tot rust komen en geen contact hebben voor 4 weken dit is al terug gebracht naar 2 weken of zo.. We moesten als ouders doormailen wat we graag zouden willen ten aanzien van de omgangs regeling , mijn zoontje en ik delen een passie VOETBAL , ik stond in de sneeuw en regen altijd bij de trainingen en bezocht de wedstrijden , dus ik geef dat aan in mijn mail aan de G. Willemsen , voogd van mijn zoontje , en omdat ik weet dat mijn ex geen vuurwerk koopt en afsteekt met hem waren dat de twee enige verzoeken die ik had gedaan, en de wekend zouden als volgt gaan een weekend bij mijn ex, weekend bij mij, weekend bij zus en zwager, ,vakantie’s worden goed verdeeld kan ik me helemaal in vinden . Maar het onrecht dat deze man mij aandoet door mij het voetbal af te pakken neem ik niet , weet nog niet welke stappen ik ga ondernemen , en het oud en nieuw want elk kind van 12 wil vuurwerk afsteken . Ik heb mijn ex gisteren de 21 nog gezegd neem jij hem allebei de kerstdagen maar , maar laat hem oud en nieuw bij mij vieren . Maar ik wist van te voren dat ze zich weer zo machtig zou voelen dat ze zij nee, ik zij dat ik het er niet bij liet zitten omdat ik het gevoel heb dat hij mijn mail niet seriues heeft genomen omdat er geen een van mijn wensen is ingewilligd. En mijn ex had helemaal niets gevraagd , niets , nou dan voel ik me behoorlijk genaaid door de voogd , hij is zelfs vergeten dat mijn zoontje op moederdag naar moeder kan. Hoezo goed met je werk bezig?Willekeurdat is wat er nu gebeurt is , het is nog een concept maar ik zal het aanvechten . Afgelopen weekend was mijn zoontje bij mij op weekend bezoek en hij gaf zelf duidelijk aan dat hij wil dat hij oud en nieuw met mij wil vieren dat hij ook knallen wil.En hij heeft aangegeven dat hij graag , erg graag wil dat ik de trainingen en voetbalwestrijden blijf bezoeken. De trainers van zijn elftal zeggen ook dat mede door zijn Adhd , ik een positieve invloed op hem heb , en dit alles is zomaar weggevaagd door de voogd , er is zelfs een instantie die hem hufterig gedrag verwijte . Ik ga straks om 9 uur naar BJZ om opheldering te vragen en hoe hij tot dit concept is gekomen om de twee wensen die ik had zo te negeren.Mijn zoontje is 12 heeft hij zelf ook niets te zeggen , kan hij niets ondernemen? Graag hoor ik wat tips.
    Een wanhopige vader

  2. Ronald schreef:

    Zeer goed weergegeven betreft hoe het er aan de toe gaat, zit hier zelf al jaren in precies zoals hier wordt beschreven het is triest dat er zovelen zijn waarbij het anders loopt…hoop maakt je kapot…..

  3. E van Bommel schreef:

    Ik vindt dat het hoog tijd wordt dat er eens een grote aktie tegen het handelen van BJZ komt , met vervolgens een petitie aanbieden aan minister of staatssecretaris van justitie , want we zijn allemaal boos en er gebeurt zo weinig !!!!! Vanuit ons slachtoffers van het BJZ zit daarom sterk te denken een stichting op te richten die de confrontatie’s bikkelhard aan wil gan met alle betrokken instantie’s want deze maffia moetgestopt worden.

  4. evert schreef:

    Ik ben op zoek naar mensen die met mij een Stichting willen opzetten tegen deze Maffia praktijken die ze nu ongehinderd kunnen uitvoeren , er moet op welke manier dan ook wat ondernomen worden . Een stichtting of aktiegroep die met zelfde maffia praktijken deze criminelen aanpakt.Dus voelt u zich geroepen dan hoor ik het graag .

  5. wendy schreef:

    niet alleen bjz ook het ggz laat steken vallen!!
    en dwingen mensen tot stappen waar ze zelf niet achterstaan!!

  6. ever1964 schreef:

    Het is uiteindelijk een grote maffia kliek maar ik heb ze op hun knieen gekregen, mijn zoontje is veilig komt zijn weekenden zowel bij moeder als bij mij en is gelukkig bij mijn zus en zwager waar hij zijn rust heeft gevonden. Maar doordat het BJZ niet van mij afkwam en ik ben door blijven vechten tot het bittere eind echt bittere eind. Ik was emotioneel op , maar heb bereikt wat ik bereiken wilde , mijn zoon’s gezinsvoogd van het BJZ en Yarabee , gaan nu kijken naar de wens van mijn zoontje hij wil bij mij wonen , en daar word nu naar gekeken , het eerste gesprek vind plaats op 16 Januari met de voogd en een gedrags deskundige , laat ze maar komen. Ik ben helemaal klaar voor ze , heb zoveel gesprekken gehad , dus kom maar met die hap. Is het trouwens normaal dat bij zulke gesprekken een gedragskundige zit? Maar goed ze mogen komen. Moeder van mijn zoon is het er ook mee eens , omdat hij daar ook meedere keren heeft aangegeven dat hij bij mij wou wonen , en na alle strubbelingen is ze nu bereid om het gezamelijk gezag aan te vragen , ik heb geknokt voor mijn zoontje en blijf dit doen ,maar nu loopt alles redelijk goed. Oook mijn zoontje heeft eindelijk het gevoel dat de gezinsvoogd naar hem heeft geluisterd , en wat hij graag wil , terwijl er in het begin steeds naar omheen werd gedraaid en hem op een terugkeer naar moeder voor te bereiden, dat is nu veranderd en gaan ze kijken of hij bij mij kan gaan wonen . Nou dat is voor mij een hele vooruitgang in het logge monster BJZ . Dus ik zou zeggen tegen iedreen blijf knokken tot je erbij neer valt eens moeten ze luisteren.

    • Ronald van den Dungen schreef:

      Beste Marcel,

      Het verslag van BJZ ligt bij de directie vandaar uit zal er een beslissing genomen worden voor verlenging onder toezicht om hiervoor bij de RVDK een goedkeuring voor te krijgen om het voor de zoveelste keer bij de rechtbank te leggen. Eerlijk gezegd ben allen partijen moe steeds weer geconfronteerd worden met dingen die in het belang voor het kind beslist moet worden gaat allemaal moeizaam doordat een moeders wil wet is. Eerlijk gezegd ze kunnen voor mij naar de kloten lopen, toch zoals ik ook hier weer lees geeft niet op echter dit is makkelijker dan gezegd het beheerst teveel mijn leven waardoor ik minder inzet in dingen die voor mijzelf veel belangrijker zijn. Als het voor de rechtbank komt is dit voor mij de laatste keer en verwacht een uitspraak die gericht is naar mij als vader dat er op kort termijn iets veranderd in positieve zin, zo niet kunnen voor mij alle partijen letterlijk naar de klotten lopen. Blijven knokken tot je er bij doodvalt wil ik niet zover laten komen mijn leven is mij lief het houdt een keer op. Ben alles moe…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s